Tamariks gedijt op vochtige zandgrond

De tamariks (Tamarix) heeft een groot verspreidingsgebied, dat niet alleen tot delen van Europa is beperkt. De struik of kleine boom komt in Zuid-Europa, Klein-Azië, Turkije, Noord-Afrika en het midden en zuidoosten van Amerika voor. Vooral in drooggevallen beddingen van rivieren is de struik dikwijls te zien. Het is een goed groeiende struik in gebieden waar de zeewind de overhand heeft.

De tamariks is in Nederland niet zo heel veel aangeplant. Vooral in kustgebieden is de struik op z’n plaats, want bestand tegen

Tamarix groeit graag op drooggevallen beddingen (Grand Canyon)

wind, waarin zout wordt meegevoerd, en groeit op brakke, zilte grond. De tamariks is geschikt om in groepen te worden geplant en als solitaire sierstruik in parken en tuinen. De struik groeit wat warrig met slappe takken en dat is precies de reden, waarom hij niet veel wordt gebruikt. Desondanks bloeit een tamariks opmerkelijk.

De tamariks kan tegen grote droogte op voorwaarde, dat aan z’n voet voldoende vocht uit de bodem is te halen. De meeste soorten zijn bladverliezend en goed winterhard. Er bestaan groenblijvende soorten (o.a. Tamarix aphylla), maar die zijn bij ons niet te koop. Het blad van de tamariks bestaat uit klein, schubachtige bladnaalden. De naalden scheiden bij warm weer zout uit, dat in de vorm van kleine kristallen in het zonlicht schittert. Bloemen verschijnen in mei -juni in de vorm van pluimen.

 
T. parviflora is in ons land nog het meeste te zien T. parviflora is tijdens de bloei een en al bloem

Na de bloei ontwikkelen zich doosvruchten met zaden daarin. De zaden kunnen in de winter worden gezaaid. Normaal wordt de tamariks voor de handel vermenigvuldigd door middel van verhoute stek. De stek wordt in het voorjaar of aan het begin van de herfst gemaakt. De stek wordt in zuiver zand met een klein beetje humus gestoken om te bewortelen.

Snoeien

Een tamariks moet worden gesnoeid om een compacte struik te (be)houden. Wanneer moet worden gesnoeid, is afhankelijk van de soort. Wie een tamariks plant moet de scheuten met de helft van hun lengte inkorten en het jaar daarop nogmaals. Tamarix parviflora moet direct na de bloei (begin zomer) worden gesnoeid. Zwak gegroeide scheuten worden weggeknipt en de uitgebloeide scheuten worden zo laag mogelijk terug gezet op een goed gegroeide zijscheut. Snoeien moet elk jaar plaatsvinden om de struik een stevige gestel te geven.
Tamarix ramosissima en variëteiten worden aan het begin van het voorjaar gesnoeid. Snoei uitgebloeide takken van het voorgaande jaar terug tot op een sterke zijscheut. Zelfs snoeien in oud hout verdraagt de struik goed. Van deze soort kan ook een haag worden gemaakt. Plant jonge struiken op een onderlinge afstand van dertig tot vijftig centimeter. Kort de struiken na het planten in tot een hoogte van dertig centimeter. De in de zomer gegroeide scheuten toppen om een bossige groei te stimuleren. Knip zo mogelijk in de winter scheuten van het voorgaande seizoen weg om de haag jong en fris te houden en te behoeden voor kaal worden. Deze tamariks is alleen geschikt om er een los groeiende haag mee te maken.

Sortiment

Soort/variëteit Bloemkleur Bijzonderheden
Tamarix parviflora bleekroze Bladverliezende struik tot kleine boom tot 4,50 m hoog. Groeit breeduit met purperrode overhangende twijgen. Moet een vochtige, lichte grond tot z’n beschikking hebben.
Tamarix ramosissima helderroze Bladverliezende struik tot kleine boom tot 4,50 m hoog. Groeit tot 3,00 meter breed uit. Met donker roodbruine twijgen en takken. Blad blauwgroen. Bloeit in nazomer en herfst. De bloeiende takken lijken op levend koraal. De mooiste soort, die je maar kunt denken. Voor vochtige, lichte gronden.
Tamarix ramosissima
‘Pink Cascade’
helder hardroze Goed groeiende, bladverliezende struik tot kleine boom tot 5,00 m hoog. Loof blauwgroen. Overhangende twijgen. Bloeit in de periode augustus – september. Voor vochtige, lichte gronden.
Tamarix ramosissima
‘Rubra’
donker karmijnroze (als voorgaande)
Tamarix tetrandra lichtroze Bloeit in mei – juni. Wordt tot ca 3,00 m hoog. Paars-bruinachtige scheuten. Draagt bloemen aan scheuten van het voorgaande jaar. Bloemen viertallig. Bij snoeien dus altijd scheuten van het voorgaande jaar aanhouden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *