Vijveren het hele jaar door: oktober

Gemiddelde temperatuur 10,3 °C
Maximumtemperatuur 14,2 °C
Minimumtemperatuur 6,5 °C
Neerslag 77 mm
Neerslagduur 57 uur

Het wordt guurder buiten. De natuur bereidt zich voor op barre tijden en ook u moet aan de slag. Span allereerst een net over uw vijver. Al die afwaaiende bladeren mogen niet in het water komen. Zij zullen anders een aanslag op de kwaliteit van het water plegen. Mocht het onmogelijk zijn een net te spannen, dan moet het wateroppervlak dagelijks met een schepnet van blad worden ontdaan. Een skimmer is natuurlijk de ultieme oplossing.

Daalt de watertemperatuur onder de 15 °C, dan mag er alleen nog licht verteerbaar voer worden gegeven. Onder de 8 °C helemaal stoppen met voeren. Maar dat is waarschijnlijk pas de volgende maand het geval.

Nu is de tijd gekomen om te kiezen. Gaat u uw vijverwater de hele winter door middel van verwarming boven de 10 °C houden of kiest u voor een natuurlijke overwintering? Er zijn drie soorten vijververwarming: de zogenaamde dompelaars – zeg maar een vergrote uitvoering van de bekende aquariumverwarming, er zijn pondheaters en ook kan er een element op de centraleverwarmingsketel worden aangesloten. Verwarming kost geld, maar als u vijver en filter goed isoleert, worden de kosten aanzienlijk gedrukt. Groot voordeel is, dat uw vissen niet snel aan gezondheid zullen inboeten. Uw dure vriendjes zijn veiliger.
Kiest u voor natuurlijk overwinteren, dan is het volgende noodzakelijk: waterstofzuig de vijver grondig. Achtergebleven vuil gaat rotten met alle gevaren van dien. U zult merken dat een bottomdrain niet voor niets is uitgevonden. Haal de vijverpomp en luchtstenen omhoog tot zo’n 20 centimeter onder het wateroppervlak of schakel winterin- en uitlaat in als u een professionele installatie hebt. De watertemperatuur zal op de vijverbodem steeds 4 °C blijven. Maak het filter kamer voor kamer grondig schoon, maar laat het zolang mogelijk doordraaien. Verwijder afstervende plantendelen regelmatig uit het moerasgedeelte en voer ze af naar de composthoop. Op die manier verlaagt u de biomassa in de vijver. Ook natuurlijk overwinterende vissen zijn gebaat bij isolatie.

Nymphaea, waterlelie

Water, gras, bomen, struiken en planten behoren tot de uitrusting van de tuin. Niet elke tuin heeft een omvang, waar al die elementen in passen. De maat van de tuin is veelal bepalend voor wat daarin aan bod kan komen en natuurlijk ook voor iemands voorkeur.

Nymphaea hybr. ‘Missouri’ is een ‘nachtbloeiende’ waterlelie.

Voor velen is een vijver, van welke omvang dan ook, een must. Water is een element van rust in de tuin. Anderen zijn meer geïnteresseerd in de planten in de vijver en/of ook de vissen daarin. Hoe dan ook: in een zelf gebouwde vijver in een strakke vorm, een vijver met een natuurlijke vorm of een kant en klaar gekochte vijver zijn waterplanten op hun plaats. Hierop is wel een speciale vijver met koikarpers een uitzondering.  

De waterlelie (Nymphaea) is een van de meest begeerde waterplanten vanwege de schitterende bloemen, die de plant kan voortbrengen. Onder de waterlelies zijn meer dan vijftig soorten en een honderdtal hybriden. De groep is in te delen in winterharde waterlelies, tropische waterlelies, waterlelies die overdag bloeien, en soorten en hybriden, die alleen ‘s nachts bloeien. Hoe begeerlijk tropische waterlelies ook zijn, de winterharde soorten zijn in ons klimaat meer op zijn plaats. Winterharde soorten zijn, mits goed geplant, een lang leven beschoren.

Geen onbezonnen aankoop doen

Wie een waterlelie in z’n vijver wil planten, doet er goed aan zich vooraf goed te oriënteren op de eigenschappen en de eisen die de soort of variëteit stelt. Belangrijke zaken die de revue moeten passeren, zijn vooral de diepte van de vijver en de omvang daarvan. Eisen aan de diepte variëren bij de waterlelie. Grofweg zijn er lelies, die in een maximale waterdiepte van tien centimeter kunnen groeien, maar ook zijn er lelies, die ten minste vier meter water boven zich eisen. Daartussenin zijn er talrijke soorten en variëteiten, die in een minder grote waterdiepte groeien.

Nymphaea hybr. ‘General Pershing’ is een tropische waterlelie. Deze waterlelie moet overwinteren bij een minimale
watertemperatuur van 10 °C.

Op de tweede, niet onbelangrijke plaats speelt de uiteindelijke bedekkingsgraad van het wateroppervlak door een lelie een grote rol. Waterlelies hebben hun wortelstok op de bodem (submers): hetzij in een natuurlijke bodem, hetzij in vijversubstraat in een mandje. De bladen van een waterlelie drijven op het wateroppervlak (epilimnion) en de bloemen groeien daarbovenuit. Wanneer de keuze voor een waterlelie gebaseerd is op de beschikbare ruimte, dan is de waterlelie een lang leven beschoren.

Alle soorten en variëteiten van waterlelie hebben stilstaand, voedselrijk water nodig om te kunnen groeien en bloeien. Daarnaast is de waterlelie zeer gediend met de aanwezigheid van een paar vissen in de vijver. Zij zijn onontbeerlijk om kleine insecten en waterslakken van de waterlelie af te houden. Een waterlelie kan vanaf een leeftijd van drie tot vier jaar worden vermeerderd door de wortelstok te scheuren of er wortelspruiten van te nemen. Vermeerderen kan in het voorjaar worden uitgevoerd. Daarnaast kan het soms lukken om rijp geworden zaden in het voorjaar te zaaien. Zaaien in zand met daarboven permanent een laagje water van ten minste één centimeter water.

Goede hybriden van de waterlelie

Nymphaea hybr. ‘Isabelle Pring’ behoort tot de tropische waterlelies en bloeit overdag. De plant is levendbarend. Bloeit het beste in een ondiepe vijver, waar het water door de zon kan opwarmen. Bloeiperiode juni – augustus. Plantdiepte 45 – 75 centimeter. Plant de lelie in een mand. Nymphaea hybr. ‘Isabelle Pring’ kan 2 – 3 meter breed uitgroeien. Bloemen zijn roomwit en fijn gepunt. Centraal een botergeel hart. De bloem kan 20 – 25 centimeter in doorsnede worden.

Nymphaea hybr. ‘Firecrest’ is een geheel winterharde waterlelie. De plant bloeit eind mei – eind september. De plant wordt tot 1,50 meter breed en is geschikt voor een waterdiepte van 45 – 75 centimeter. De bloem is egaalroze en heeft een vlammend. oranje hart.

Nymphaea hybr. ‘Formosa’ is geheel winterhard. De plant bloeit beter naar gelang hij langer vaststaat. Plant in een mandje op een waterdiepte van 45 – 70 centimeter. De bloemen zijn bij een jonge plant zachtroze, bij een oudere plant is de kleur hardroze.

Nymphaea hybr. ‘Caroliniana Perfecta’ is winterhard. De plant bloeit overdag. Het is een dieproze bloeiende waterlelie. De lelie kan een wateroppervlakte van 1,50 meter bedekken. Plant deze lelie in een mand op een waterdiepte van 45 centimeter. Het is een vroeg bloeiende hybride. Bloei vanaf mei tot in augustus. Er bestaat ook een witte hybride: Nymphaea hybr. ‘Caroliniana Nivea’.

Nymphaea tuberosa var. maxima is winterhard. De plant bloeit overdag. Het is een Amerikaanse hybride. De plant bloeit met zuiver witte bloemen. Het is een lelie, die uitsluitend geschikt is voor een vijver met een groot wateroppervlak. Deze waterlelie groeit snel uit. Plant de lelie op een waterdiepte van 40 – 60 centimeter.

Nymphaea hybr. ‘Snowball’ is winterhard. De plant bloeit overdag. Het is een Amerikaanse hybride. De plant bloeit met halfgevulde tot geheel gevulde witte bloemen. Het is een langzaam groeiende waterlelie, die een betrekkelijk klein oppervlak, 1.00 – 1,50 meter, van de vijver zal bedekken. Plant de lelie op een waterdiepte van 40 – 60 centimeter.
Aponogeton distachyos is de Kaapse waterlelie. De plant valt op door het lintvormige blad, dat soms paars gemarmerd is. Bloemen zijn zuiver wit. De zwarte helmknoppen steken fraai af tegen de kelkbladen. Bloemen geuren licht naar vanille. De lelie kan het hele jaar bloeien, maar soms is dit beperkt tot het voor- en najaar. Door middel van uitzaaien vermeerderen de planten zichzelf. Scheuren van de blaasvormige knolkluiten kan in het voorjaar. 

Tropische waterlelies zoals Nymphaea hybr. ‘Leopardess’, Nymphaea hybr. ‘General Pershing’, Nymphaea hybr. ‘Isabella Pring’, Nymphaea hybr. ‘Emily Grant Hutchinos’ (‘nachtbloeiend’), Nymphaea hybr. ‘Missouri’ (‘nachtbloeiend’), Nymphaea hybr. ‘William B. Shaw’, Nymphaea hybr. ‘Magaret Randig’ moeten in de winter binnen in een kas overwinteren. De minimale watertemperatuur moet gehouden worden op 10° C. Vandaar dat het handig is om tropische waterlelies in ons klimaat in een mandje te houden. Overwinteren van de wortelstokken in permanent vochtig zand kan ook.

Nuphar lutea, gele plomp

Wat is er nu Hollandser dan weidse meren en plassen met daarin op golven wiegende plompbladen? In de zomertijd vertoeven velen op en langs het water en trekken voorbij aan velden vol met drijvende plompbladen. Af en toe steekt daar een opvallend gele bloem tussendoor, verbonden met de zwarte diepte van onder water.

Een gele plomp kan in de schaduw groeien en bloeien

De gele plomp hoort in onze meren en brede weteringen van het lage veenlandschap.
De gele plomp (Nuphar lutea) komt in Nederland algemener voor dan de witte waterlelie (Nymphaea alba). Het verspreidingsgebied van de gele plomp binnen Nederland ligt vooral buiten de zeeklei-, löss- en krijtgebieden. Over de landsgrenzen is de waterplant te vinden in het Caribisch gebied, het oosten van de Verenigde Staten, in het noorden van Afrika en in Eurazië. De gele plomp behoort tot de waterleliefamilie (Nymphaceae). De gele plomp houdt van stilstaand tot licht stromend water. De waterplant wordt in een vijver in voedselrijke grond gehouden. Het liefste groeit de plant in een waterdiepte van 2 meter. Hoe dieper het water, des te groter de drijvende bladen worden. Een gele plomp ontleent zijn schoonheid vooral aan de grote, eironde bladen.

De gele plomp bloeit van mei tot augustus

Deze bladen verschijnen zowel aan de oppervlakte als onder water. Met reusachtig lange en taaie stengels zijn de bladen en bloemen verbonden met de kruipende wortelstokken.
Door zich met wortelstokken te verbreiden kan de gele plomp zelfs tot een plaag uitgroeien.
De komvormige bloem van de gele plomp is alleenstaand. De kelk bestaat uit vijf bladen met meer dan twintig kroonbladen en meeldraden. Daarbinnen bevindt zich één stijl met per stijl 6 tot 20 stempels. De plant is tweeslachtig. De stengels zijn glad, rolrond en massief. En mocht u langs zo’n veldje met gele plomp komen en een cognacachtige geur gewaarworden, dan is er geen dronken schipper langs gevaren, maar zijn het de geurende bloemen van de gele plomp.

Vijveren het hele jaar door: november

Gemiddelde temperatuur 6,2 °C
Maximumtemperatuur 9,1 °C
Minimumtemperatuur 3,2 °C
Neerslag 81 mm
Neerslagduur 70 uur

Als u hebt gekozen voor natuurlijk overwinteren, is het dit jaar toch écht afgelopen met dagelijks vijveren. De vissen worden sloom, voeren is verboden en de filterinstallatie moet worden uitgezet en schoongemaakt. Dit is een vies karweitje, maar al het vuil dat achterblijft zal problemen veroorzaken wanneer het filter in het voorjaar weer wordt opgestart. Maak het filter dus grondig schoon. Een hogedrukspuit komt hierbij goed van pas. Als het fitermedium te ernstig is vervuild en dichtgeslibt, dan is de aanschaf van een nieuw medium de enige oplossing.
Spoel leidingen en slangen ook goed door. Ook het daarin achtergebleven vuil dient te worden verwijderd. Zorg er wel voor, dat het spoelwater niet in de vijver terechtkomt. Ook dit is een extra belasting van de waterkwaliteit.
Ook de vijver- en luchtpomp hebben onderhoud nodig. Hoe u dit moet doen en hoe u ze vervolgens moet opbergen, leest u in de bijbehorende handleiding. Lees die handleiding, want sommige pompen moeten nat en andere juist weer droog worden opgeslagen. Maakt u hierbij een fout, dan kunt u wel eens worden gedwongen tot het kopen van een nieuwe. Bent u de handleiding kwijt, neem contact op met de leverancier of de fabrikant. De juiste werkwijze zullen ze u graag als service naleveren.

Heeft uw koileverancier uw droomvis in Japan of in een ander koiproducerend land gevonden? Dan zijn er drie mogelijkheden. Of de koi blijft bij de kweker tot het voorjaar. Of hij wordt overgevlogen en blijft bij de koidealer. Of – alleen als u over een degelijke, vorstvrije quarantaineopstelling beschikt – u neemt hem mee naar huis.
Voor de onderhandeling over de betaling van de droomvis is enig inzicht op koi-economisch gebied wel op zijn plaats. Door de overwintering bij kweker of dealer nemen zij de gezondheidsrisico’s. Tel daarbij op, dat de meeste koibedrijven seizoensbedrijven zijn, die het in lente en zomer verdiende geld in de herfst moeten investeren in de aanschaf van nieuwe vis. Gedurende de wintermaanden verdienen zij nauwelijks iets. Een zeer welwillende houding uwerzijds tijdens de onderhandeling lijkt op zijn plaats.

Een vijver aanleggen in het najaar kent veel voordelen

Het aanleggen van een vijver is misschien wel de leukste bezigheid, die een vijverhobbyist zich kan bedenken. Natuurlijk moet er wat zwaar werk worden verzet, maar de creativiteit, waarmee u te werk kunt gaan, is schier onbegrensd. Niet alleen, omdat er tegenwoordig vele keuzes gemaakt kunnen worden wat betreft het type vijver, ook vereenvoudigen de nu aangeboden materialen het werk aanzienlijk.

Als u een vijver in het najaar aanlegt, hebt u een aantal grote voordelen. Ten eerste heeft het leidingwater dan een aantal maanden tijd om een eerste stap richting vijverwater te maken. U versnelt dit proces door gedurende de wintermaanden het water te beluchten. Op die manier kunnen nadelige stoffen uit het water verdampen. Bovendien zullen zich gedurende de wintermaanden micro-organismen in het water vestigen. Het tweede voordeel is dat de grond gedurende de herfst het gemakkelijkst te bewerken is. Het derde voordeel is, dat u bij aanleg in het najaar een flink aantal maanden de tijd hebt om de vijverrand goed af te werken en de rest van de vijver (waterval, beekloop enz.) vorm te geven. En als laatste voordeel geldt, dat het verplaatsen van tuinplanten ook het beste in het najaar kan gebeuren.

Een vijver is onlosmakelijk verbonden met de tuin waarin hij ligt. Daarom moet hij ook de sfeer uitstralen van de tuin, waarin hij wordt aangelegd. Het eenvoudigst is dit te realiseren als u de tuin in zijn geheel aanpast. Dan zijn de keuzes het eenvoudigst te maken. Wanneer de vijver in een bestaande tuin wordt aangelegd, zijn de keuzes beperkter. Dan bepaalt de reeds aanwezige lijst het schilderij dat wordt geschilderd.

Tekenen geeft ideeën

De tuin wordt door het gehele gezin gebruikt. Daarom is het heel belangrijk om – voordat u daadwerkelijk de spade in de grond steekt – eerst de wensen van het gezin te inventariseren. De een houdt van zonnen en dus moet er een zonnehoekje worden gecreëerd. De ander wil een groententuintje en daar moet dan dus ook een plekje voor worden gevonden.
Hierna kunt u aan de slag gaan met potlood en tekenpapier. De tuin wordt op schaal uitgetekend, de bomen worden aangegeven, het schuurtje en ga zo maar verder. Ook wordt er rekening gehouden waar en op welk moment de zon in de tuin schijnt en waar de schaduwplekken zich bevinden. Dan komt de daadwerkelijke invulling van de tuin en de plaatsbepaling van de vijver.
Een paar voorwaarden en aanwijzingen de plaats van de vijver zijn vooraf al te geven:

  1. De vijver mag niet meer dan 6 à 8 uur zon per dag hebben.
  2. Een natuurlijke vijver kan het beste op het diepste punt van de tuin worden aangelegd, terwijl een vissen- of eendenvijver het meeste plezier schenkt, als hij aan de rand van het terras ligt.
  3. Leg de vijver het liefst niet onder hoge bomen en zeker niet in de buurt van bomen, waarvan de bladeren veel looizuur bevatten; wilg en eik bijvoorbeeld.
  4. Water- en stroomvoorzieningen in de buurt van de vijver vergemakkelijken het onderhoud aanzienlijk. Dit geldt ook voor een waterafvoerput.
  5. Bepaal vooraf wat u met de uitgegraven grond wilt doen. Bestemt u het voor de aanleg van een waterval of een verhoging in de tuin of voert u het af?
  6. Teken ook een dwarsdoorsnede van de vijver, zodat u tijdens het graven houvast hebt.

Van natuur naar techniek

Naarmate een vijver onnatuurlijker wordt, zal er meer techniek toegepast

Aanlegfase 1

moeten worden om de kwaliteit van het water op peil te houden. De natuurlijkheid van een vijver heeft in dit opzicht alles te maken met de beesten die we zelf in of op de vijver uitzetten. Een vijver heeft nu eenmaal zijn beperkingen wat natuurlijke voedselbronnen en biologisch vermogen betreft.
Door mensenhanden aangelegde waterpartijen hebben altijd het karakter van een tijdelijke waterbiotoop; te vergelijken met een tijdens een warmteperiode uitdrogende poel, terwijl we ze toch voor langere tijd voor onze tuin bestemmen. De oorzaak hiervan is gelegen in het feit, dat er maar zelden een natuurlijke waterbron op de vijver is aangesloten. Bijna altijd is de verdamping van het water groter dan de natuurlijke aanvoer van vers water.
Dit valt grotendeels op te vangen door de vijver zo diep mogelijk te maken.

Aanlegfase 2

Een goede oppervlakte/diepteverhouding voorkomt, dat er te veel water verdampt. Houd wel rekening met de diepten waarop de planten moeten komen. U kunt hiervoor het beste terrassen aanleggen.
Een ander nadelig aspect van het ontbreken van een natuurlijke aanvoer van vers water is als gevolg hiervan het ontbreken van een natuurlijke afvoer van voedingsstoffen. In de natuur worden deze afgevoerd naar zee waar ze worden afgebroken. In onze tuinvijvers hopen ze zich bijna altijd op. Water verversen dus.
Dit kan op verschillende manieren. U kunt de regenwaterafvoerpijp in de vijver laten uitkomen. Bij plantenvijvers is dit een zeer goed oplossing. Bij vissenvijvers (zeker als het koivijvers betreft) moet u hier voorzichtiger mee zijn. Waterverversing kan dan beter gebeuren met gewoon leidingwater.

Aanlegfase 3

Zelf ververs ik per week zo’n 20% van het vijverwater.
Het is zeer aan te bevelen om met deze waterhuishouding en de manier waarop u deze wilt besturen, al bij de aanleg van uw vijver rekening te houden. Hierdoor voorkomt u veel gesleep en gesjouw.

Aanleg in de praktijk

Nadat u de beoogde vijverplek hebt ontdaan van bomen, struiken enz. moet u de vorm van de vijver met een tuinslang of met piketpaaltjes uitzetten. De laatste hebben de voorkeur, omdat ze stevig in de grond verankerd kunnen worden en heel goed te gebruiken zijn bij het waterpas maken van de vijverrand. Met krijt kunt u door gebruik te maken van een grote waterpas precies de juiste hoogte aangeven en zodoende een leidraad bij het graven krijgen.
Begin hierna van buiten naar binnen te graven. Dus eerst de vijverrand om vervolgens naar de diepere gedeelten te gaan. Bedenk hierbij goed dat alles wat te veel wordt uitgegraven, later weer aangebracht moet worden. Men praat dan van geroerde aarde en die is niet stabiel. Instortingsgevaar is dan ook altijd aanwezig. U moet dus tijdens het graven regelmatig meten en controleren.
Mocht u besloten hebben een vissenvijver aan te leggen, dan zijn bodemafvoeren een goede aanvulling op de besturing van de waterkwaliteit. Deze afvoeren kunnen via een bezinkput met een standpijp op het riool worden aangesloten, zodat vuil eenvoudig kan worden afgevoerd. Het is wel noodzakelijk om de pvc-buizen in een bed van beton te leggen. Hiermee voorkomt u werking met als gevolg lekkage van de buizen.
Wanneer het zware werk klaar is, dient de kuil geheel te worden ontdaan van scherpe dingen, die de folie kunnen beschadigen. Een ondertapijt moet u aanbrengen als u pvc-folie gebruikt; met rubberfolie is dit niet nodig.
Bij de volgende stap hebt u een aantal helpende handen nodig. Folie aanbrengen in de vijver is namelijk een secuur werkje, dat bijna niet alleen geklaard kan worden. Gezamenlijk vouwt u de folie uit in de kuil er daarbij goed op lettend dat de naden glad gestreken worden. Door de waterdruk zullen zij straks helemaal platgedrukt en daarmee bijna onzichtbaar worden. Tegelijkertijd met het laten inlopen van het water kunt u deze naden verder fatsoeneren.
Als u ook gekozen hebt voor een waterval of beekloop, kunt u de folie van de vijver met speciale lijm lassen met de folie van deze twee water-elementen. Doe dit meteen, want later als de vijver geheel gevuld is, valt lekkage en daarmee een hoop geklungel bijna niet te voorkomen.

Afwerking van de vijver

De vijverrand is vaak het meest in het oog springende gedeelte van de vijver en aan de afwerking ervan dient dan ook de nodige aandacht te worden besteed. De keuze van het te gebruiken materiaal kunt u het best vooraf maken, zodat u er met het uitgraven van de vijver rekening mee kunt houden.
Hieronder een aantal tekeningen met de mogelijkheden weer.

Tekening 1: De moerasmethode
Hier wordt de folierand zoveel mogelijk weggewerkt met oever- en moerasplanten die

Moerasmethode

gezamenlijk een zeer natuurlijke overgangszone kunnen vormen. Nadeel van deze methode is dat tijdens de winterperiode de folierand weer zichtbaar wordt. Groenblijvende oeverplanten kunnen hier een oplossing bieden. De drainagebuis zorgt ervoor dat overtollig water weg kan lopen. Het piketpaaltje, waarop de drainagebuis is bevestigd, geeft de oeverrand zijn stevigheid.

Tekening 2: Van Belle’s methode voor officiële vijvers
Officiële vijvers zijn strakke vijvers die geen natuurlijke vorm hebben,

Methode Van Belle

maar waarvan de vormgeving is geïnspireerd door de architectuur. Van Belle heeft mijn vijverrand op deze manier afgewerkt en de stevigheid ervan is een waar pluspunt. In plaats van drainagebuis is hier hard-pvc-pijp gebruikt, die met bochten van hetzelfde materiaal tot een stevig geheel is verlijmd. De pijp rust op piketpaaltjes, zodat een stevige verankering werd verkregen. De grond moet uiteraard stevig zijn. In veen en zand zal de verankering niet werken. In stevige klei wel. Omdat mijn vijver is gemaakt van rubberfolie, konden we dit op de pvc-buis vastschroeven. Met pvc-folie moet de bevestiging met lijm gebeuren. Zowel het staande muurtje als de afdekplaat kan van steen of hout gemaakt worden.

Tekening 3: De rotsblokmethode
Hier is vlak achter de drainagebuis een ruimte gespaard, waar stenen, keien en

Rotsblokmethode

rotsblokken de folierand kunnen verstoppen. Kies voor rustige kleuren en stenen van dezelfde soort. Wissel af met plantjes. Het beste resultaat krijgt u als u de stenen ook terug laat komen in andere delen van de tuin.

Vijveraanleg in het najaar? Ja, dat kent vele voordelen. Het grootste voordeel is wel, dat – als in het voorjaar de temperatuur weer omhoog gaat – u direct kunt genieten van uw waterpartij. Waterplanten uitzetten, eventueel visjes kopen. Kortom, als u in het najaar aanlegt, hebt u al zicht op het voorjaar.

Zomaar een vijvertje

 

Stikdonk’re nacht

Venijnig verlicht een tweede maan een hoekje van het
vijvertje
Links een schoenlappersplant met op een blad een verdwaasd en verbaasd
nachtuiltje
Rechts Japans bamboe, ietsje rechts van een klaterend, bierdorst opwekkend
watervalletje
Middenvoor bloeit in het hoogseizoen weelderig een zwerm
dwerglelies
Daarop zou Monet jaloers zijn geweest. De rest is moeilijk te zien…
Sorry.

* Kikkertje Prins * Nachtuiltje * Geraniums *
* Potten en pannen * Weelderig *

Zomaar een vijvertje

 

Verdwaasd uiltje

Verdwaasd en verbaasd landde hij op het schoenlappersblad.
En keek toch maar z’n ogen uit.
Zoveel licht was overdag zelfs niet te zien.
Er hoefde niets te worden gevoeld per spriet.
De tweede, grote maan doofde zich.
Hij bleef maar wachten op nieuw licht.
Tot de volgende dag.
Verbaasd en verdwaasd.

* Kikkertje Prins * Stikdonk’re nacht * Geraniums *
* Potten en pannen * Weelderig *

Vijveren het hele jaar door: mei

Gemiddelde temperatuur 12,7 °C
Maximumtemperatuur 17,6 °C
Minimumtemperatuur 7,5 °C
Neerslag 62 mm
Neerslagduur 40 uur

Mochten ze het in april nog niet hebben gedaan, dan zullen de paairijpe koi- of goudvissenvrouwtjes hun eieren toch zeker deze maand kwijt willen. U kunt handelen als ik. Wilt u de kleintjes wel op laten groeien, dan is voeren het grootste probleem. In Japan gooien ze kippenpoep in de mudpounds, zodat er op de juiste tijd allerlei infusoriën (kleine diertjes) in het water komen. Dat is in onze situatie natuurlijk niet nodig.
Een artemiakweek opzetten kan wel, maar is duur. Ook kan eiwitrijk koivoer worden gemalen in de koffiemolen. Poedervoer is ook geschikt. U moet pas gaan voeren, wanneer de visjes drie dagen oud zijn. In de eerste drie dagen leven ze van hun eigen eierzak. Kannibalisme is de kleintjes niet vreemd. Zij die het snelste groeien, hebben de meeste broertjes opgepeuzeld. De vingerlingen moeten gescheiden van hun ouders opgroeien. Want ook die lusten ze wel rauw.

Het koikoopseizoen is weer aangebroken. Het is heel belangrijk waar u ze koopt. Koiverkoper zijn neemt meer tijd in beslag dan acht uur per dag en vijf dagen in de week. De meeste alleen-in-het-weekenddealers kunt u dan ook maar beter links laten liggen. Het is namelijk bijna onmogelijk om naast koiverkoper zijn ook nog een vaste baan te hebben. Ook zij die handelen vanuit hun schuurtje in de tuin, kunnen niet als een aanwinst voor de hobby worden beschouwd. Vissen en klanten hebben iedere dag aandacht nodig. Een goede koiverkoper zijn vergt kennis op het gebied van vijverbouw, visziekten, waterkwaliteit en nog veel meer. De gespecialseerde verkoper doet tijdens de inkoop in Japan aan hand-pick: toekomstige kwaliteit herkennen. Een koiverkoper moet ook zelf helemaal gek zijn op die kleurige zwemmers, er respect voor hebben. Als je deze handel alleen maar ziet als geld, dan word je een chagrijnig mens en dat is slecht voor uw pecunia. Koop uw Nishikigoi dus bij het adres waar is geïnvesteerd in kennis, waar ze bereid zijn met u te discussiëren over de kwaliteit van de vissen en waar ze klaar staan als er problemen zijn. Karpers gaan – als het goed gaat – tientallen jaren mee. Het is dus belangrijk het adres van aanschaf zorgvuldig te kiezen.

Op waterplantengebied valt niet meer te doen dan genieten. Of u moet beslissen om met potten of teilen uw terras aan te kleden met waterplanten. Gewoon een laagje klei erin, daarin de planten en vervolgens vullen met water. Kies voor vrolijk bloeiende de planten. Een heuse aanwinst. Een miniwaterlelie doet het zo ook heel goed.

Vijveren het hele jaar door: maart

Gemiddelde temperatuur 5,8 °C
Maximumtemperatuur 9,6 °C
Minimumtemperatuur 2,0 °C
Neerslag 65 mm
Neerslagduur 67 uur

In het voorjaar kan uw vijver een paradijs voor ziekteverwekkers zijn. Costia, witte stip, trichodina, chidonella en wormen hebben het naar hun zin. Hiervoor zijn drie oorzaken te noemen: temperatuurschommelingen, verminderde weerstand van de vissen en bovendien een verminderde waterkwaliteit. Deze maand zetten we dan ook in op de bestrijding van de vijanden van onze vissen.

Temperatuurschommelingen kunnen we voorkomen door de vijververwarming op 10 °C te zetten. Dit is de enige manier om 100% resultaat te verkrijgen. De schommelingen kunnen worden beperkt door de vijver af te schermen tegen wind en de pomp niet te hard te laten draaien. Dit is nog niet het (opnieuw) opstarten van een vijver.
Vervolgens wordt de verminderde waterkwaliteit aangepakt. Het filter wordt grondig schoongemaakt en aan gezet. Meet de waterwaarden. Die moeten ideaal zijn. Is dit niet het geval, dan moeten ze worden aangepast. De daarvoor nodige middelen koopt u bij de vijverspecialist. Volg goed de aanwijzingen op de verpakking. Houd vooral dagelijks de ammoniak- en nitrietwaarden in de gaten. De verminderde weerstand wordt niet alleen door de temperatuurschommelingen en de verminderde waterkwaliteit veroorzaakt. De grootste oorzaak is de intering op het vetgehalte gedurende de wintermaanden. Dit kan pas worden aangepakt als de watertemperatuur rond de 10 °C is. Pas dan kan het filter worden opgestart:
1) filterbacteriën worden toegevoegd, 2) het voeren wordt gestart. Filterbacteriën enten zonder de vissen te voeren heeft geen enkele zin. De bacteriën hebben namelijk ook voer nodig en dat is vissenpoep. Zelf start ik tegelijkertijd met water verversen. Overigens alleen als de temperatuur van het kraanwater hoger ligt dan die van het vijverwater. Ik ververs iedere week zo’n twintig procent.

Slaan de bovengenoemde vijanden toch toe, dan is het raadzaam om u tot een specialist te wenden. Dit kan een gevorderde hobbyist zijn. Maar het is beter om u tot een vijverdealer met visziektencertificaat te wenden. Vraag daar gerust om. Hij kan de juiste diagnose stellen en medicijnen aanbieden.

In de natuurlijke vijver kunt u nu ook aan de slag. Bekijk of er niet te veel rotzooi op de bodem ligt. Dat zorgt later in het seizoen alleen maar voor algenbloei: erwtensoep.
Hebt u een kleine vijver, tot zo’n 10.000 liter, die al enkele jaren draait, dan is geheel leeghalen het overwegen waard. De bodem moet vervolgens worden gekuist. Planten kunt u scheuren of delen. Zet ze in manden met eenderde klei en tweederde vijveraarde. Ze hebben dan zeker voldoende voeding voor de komende seizoenen. De wortelstokken van te groot geworden waterlelies kunt u met een schoon mes in stukken snijden. Zet ze vervolgens in hetzelfde grondmengsel en u hebt weer nieuwe planten. Zet alles weer terug in de vijver. Vervolgens de vijver weer vullen met water. Bij de vijverspecialist koopt u de juiste bacteriën om de boel weer op te starten.
In grotere vijvers kunt u beter helpertjes aan het werk zetten. Bij dezelfde handelaar kunt u zogenaamde sludgebusters kopen. Meestal kleuren die de vijver een tijdje wit. Ze ruimen alle rommel op en zorgen voor een schone vijver. Klaar voor een nieuw seizoen.

Lysichiton, moerasaronskelk

Lysichiton, Grieks voor losse mantel, is een relatief makkelijke tuinplant, die echter wel een kletsnatte standplaats vereist. Een gewone vijverrand is meestal niet geschikt, omdat de plant in de zomer toch veel ruimte vraagt. Lysichiton behoort tot dezelfde familie als bijvoorbeeld de aronskelk en de flamingoplant, maar ook kalmoes en Arisaema. Het is een boeiende plantenfamilie met veel sierplanten en enkele voedselplanten.

Lysichiton americanus, de bloeischeden verschijnen voor de bladeren eraan komen

De beste plek is de oever van een vijver met een natuurlijke bodem of een plek langs de rand van een sloot. Spontane uitzaai is dan soms zelfs mogelijk.
Van de moerasaronskelk zijn twee soorten geschikt om in een moerasgedeelte van een vijver te gebruiken:
Lysichiton americanus – komt van oorsprong uit de veenmoerassen van het noordwestelijke deel van Noord-Amerika, groeit verder ook in het noordwesten van Californië en het oosten van Montana. Als deze moerasplant in het voorjaar in de Botanische Tuinen van Utrecht bloeit, trekt hij veel aandacht en worden er veel vragen over gesteld. Deze soort bloeit met grote, gele bloemen en heeft ovale bladen. De totale hoogte van het schutblad is ongeveer 35 cm en de plant groeit op maximaal 10 centimeter onder water. Als particulier mag u deze plant overigens niet houden.
Lysichiton camtschatcensis – is inheems in Kamchatka, het noorden van Japan, en in delen

Lysichiton camtschatcensis, de opengevouwen bloemschede omgeeft de aronskelkachtige bloem

van Siberië en groeit ook op maximaal 10 centimeter onder water. De ongeveer 30 cm hoge, zuiver witte bloemen, worden gevolgd door peddelvormige bladen. De grote bladen zijn zeer decoratief vanwege hun lengte en diepliggende nerf.

Van beide soorten bevinden de bloemen zich aan de schacht, die tussen het grote schutblad zit. Er zitten aan deze schacht mannelijke en vrouwelijke bloemen. Het schutblad maakt in werkelijkheid geen onderdeel uit van de bloem! De bloemen verschijnen in de periode april – mei, voordat het blad aanwezig is. Een volwassen plant kan 6 tot 8 bloemen produceren en omdat er in het vroege voorjaar langs de vijverrand nog niet veel planten staan, valt een grote pol Lysichiton erg op.

Het blad gaat zich pas na de bloei ontwikkelen. Op voedselrijke plaatsen kan dat blad tussen 80 en 100 cm hoog worden. In de periode dat het blad gaat groeien, ontwikkelen zich ook de zaden. In de zomer is het zaad rijp. Wie zelf eens Lysichiton wil kweken, kan dat zaad in een grote bak zonder afvoergaten met kletsnatte potgrond zaaien. De ervaren tuinier heeft na 3 jaar bloeiende planten.
Lysichiton is volkomen winterhard en kan in ons klimaat uitstekend groeien in een diepe, modderrijke situatie. Planten in de volle zon zorgt voor een prima bloeirijkheid.

Bij een enkele plant ruik je het niet, maar een groot aantal bloeiende Lysichitons bij elkaar verspreidt een onaangename teerlucht. [ Wiert Nieuman, hortulanus Botanische Tuinen van Utrecht

]