Marrubium: Malrove

0
11

Marrubium is een geslacht van weinig voorkomende vaste planten met opvallend grijsachtige bladeren en behorend tot de familie van de lipbloemigen (Labiatae). Marrubium, in het Nederlands gewoon malrove, is een plant die je nou niet bepaald elke dag ziet. Vanwege z’n voorliefde voor de armste, droogste zandige gronden en een uiterst zonnige plaats, is dit plantje het beste geschikt voor muur- of rotsbeplanting of op een plek aan de voorkant van de border. Een malrove kan wordt tussen 25 en 60 cm hoog worden en heeft rechtop groeiende, witviltige stengels die sterk vertakt zijn.

Marrubium incanum

De bladeren zijn ook witviltig, rond tot eivormig en diep gerimpeld en gekarteld. De kleine, witte lipvormige bloemen staan in dichte kransen in de bladoksels. Een malrove bloeit van juli tot september.

Soorten

Marrubium incanum komt van nature voor rond de Middellandse Zee. De bladeren zijn frisgroen, eirond en zilverviltig behaard. De bladeren staan in rozetvorm laag bij de grond. De hoogte is niet meer dan 5 tot 10 cm. Het plantje bloeit in augustus en september met witte, lipvormige kelkbloemen in kransen, die boven elkaar langs de bloemstengel staan. De bloemstengels bereiken een hoogte van 30 tot 40 cm.
Marrubium peregrinum komt uit Zuidoost-Europa en groeit op droge,

Marrubium vulgare

stenige plaatsen, in olijfgaarden en wegbermen.
Marrubium incanum komt van nature voor rond de Middellandse Zee. Marrubium supinum is een zodevormende, overblijvende plant uit Spanje en Portugal, wordt slechts 30 cm hoog en bloeit met lichtlila bloempjes.
M. peregrinum en M. supinum hebben aantrekkelijk witwollige, ronde blaadjes. Een aantal van deze grijsgroene, vlakke pollen op een droge plek in de volle zon zal zeker niet misstaan.
Marrubium velutinum bloeit geel in juni en juli en heeft een gele waas over het blad. Ze heeft een warme plaats nodig om goed uit te groeien, maar groeit toch liever niet in de volle zon. Op humeuze grond, waaraan wat klei is toegevoegd, groeit en bloeit deze bijzondere malrove uitstekend.
Marrubium vulgare komt in Nederland heel zelden voor. De plant is te vinden op ruige plaatsen, aan wegranden – en dan vooral in de buurt van de kuststreken, het liefst op arme zandgrond. Uit het sap van deze soort wordt, als vanouds, samen met honing een siroop bereid als middel tegen hoest en verkoudheid.

Verzorging en vermeerdering

Als vaste plant in de tuin verliest een malrove na 4 tot 5 jaar haar grootste mooiheid; het hoogtepunt ligt tussen het tweede en het vierde jaar na de aanplant.
De plant vermeerderen kan door te scheuren of stekken.
In de winter kan de plant het beste worden afgedekt met wat dennengroen; in het bijzonder de soorten uit warmere streken, M. peregrinum en M. supinum.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here