Cordyline

0
11

Wie veel in de tropen rondreist, zal Cordyline niet vreemd zijn. Plantsoenen en parken worden ermee gesierd, zoals wij hier Pelargonium gebruiken. De volken van Polynesië en Melanesië hebben de plant wijd en zijd verspreid vanuit het voormalige Nieuw-Guinea. Niet voor de sier, maar vanwege het voedzame zetmeel, dat uit de wortels wordt gewonnen. Voor ons heeft de plant slechts sierwaarde gedurende de zomer.

Cordyline behoort tot de palmachtigen (Asteliaceae). De meeste soorten zijn te vinden in de tropen en subtropen en zijn bij ons niet winterhard. Door het sierlijke uiterlijk worden steeds meer soorten ingevoerd om hier als potplant te

Cordyline fruticosa
Cordyline fruticosa heeft een sierlijke uitstraling

worden verhandeld. Gedurende de zomer kan Cordyline op terras, balkon en als accent in de border worden gebruikt. Naast de hier getoonde soort Cordyline fruticosa met rode bladen, zijn er met helemaal groen, groengeel, groenroze en karmijnrood gestreepte bladen. Cordyline is genoeg windvast en zal niet snel afbreken. De stam met de vele dunne lancetvormige bladen is daarvoor taai genoeg.

Plant Cordyline in een ruime pot of kuip. De rizomen groeien vooral naar beneden, de diepte in. Gebruik potgrond, waarin een beetje compost is gemengd. Breng onder in de pot of kuip potscherven of geëxpandeerde kleikorrels aan voor drainage. Cordyline verlangt geen felle zon, maar wel veel licht. Geef de struik in de zomer regelmatig water. In de tropen wordt Cordyline fruticosa tot wel drie meter hoog. In ons klimaat is een hoogte van één meter heel behoorlijk. Bladen worden vijftig tot zestig centimeter lang. Aan de top staan ze schuin omhoog gericht. De daaronder zittende bladen zijn sierlijk naar beneden gebogen. In een warme zomer komt de struik in bloei. Pluimen tot wel dertig centimeter zijn bezet met kleine witte of mauvekleurige bloemen. De bloemen geuren op warme dagen zeer sterk, maar zeker niet onaangenaam. Na de bloei verschijnen kleine, ronde, rode bessen, die de verwantschap met de palm duidelijk aantonen. Aan het einde van de herfst moet de struik binnen overwinteren in een vorstvrije ruimte. In de winter het watergeven beperken tot ëën keer per maand. In het voorjaar langzaam de watergift vergroten tot twee keer per maand. Voeg daaraan een beetje vloeibare kamerplantenmest toe.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here