Parrotia

0
13

Parrotia is een bijzondere voorjaarsbloeier. Het bijzondere bestaat uit het feit dat je de boom maar heel zelden in een tuin ziet. In het Amsterdamse Oosterpark staat waarschijnlijk de grootste en oudste Parrotia van Nederland. Parrotia wordt een grote struik of boom afhankelijk van zijn ouderdom.

Al meer dan 150 jaar staat Parrotia in
het Amsterdamse Oosterpark

In het Oosterpark is de meerstammige struik wel 12 meter hoog. Parrotia groeit buitengewoon traag, maar dit is geen reden om zonder nadenken de struik in een (te) kleine tuin te planten. Het is een fraai bloeiende struik voor een middelgrote of grote tuin.
Parrotia is omstreeks 1840 ingevoerd in Engeland. Inheems is de struik in Perzië. Ook Nederlandse landschapsarchitecten (Leonard Springer, David Zocher e.a) gebruikten de struik graag in hun parkontwerpen in de Engelse landschapsstijl. In Iran wordt Parrotia een flinke boom tot wel vijfentwintig meter hoog.

Toverhazelaarachtige

Je hoeft geen grote plantenkenner te zijn om te zien dat Parrotia veel

Parrotia bloeit met bundels oranjerode bloemen

gelijkenis heeft met de toverhazelaar. Moeilijker is het om er kenmerken in te zien van de amberboom. Alle behoren tot de grote familie van de toverhazelaarachtige (Hamamelidaceae). Parrotia is een vroege bloeier, maar de duur is kort: eind februari begint de bloei en half maart te eindigen. Behalve dat Parrotia met intens oranjerode bloemen bloeit en de in bloei staande struik dan overdekt is met haast een lichtgevende oranje waas, heeft-ie een opvallende herfstkleur. De tinten variëren van goudgeel, oranje tot helderrood. De struik is bladverliezend. Bladeren zijn betrekkelijk klein. Vier tot tien centimeter lang met een hartvormige voet.

Planten

Vaak wordt gedacht dat Parrotia op een zure grond moet worden

De herfstkleur variëert van goudgeel tot vurig oranjerood

geplant. De struik groeit echter ook heel goed op een kalkhoudende grond. Parrotia laat zich moeilijk verplanten, koop daarom altijd een struik die in pot is grootgebracht. Pas na vier à vijf jaar kun je zien of je te maken hebt met een struik- of meer een boomvormer. Boomvormers hebben een duidelijke harttak. Uiteindelijk komen er aan de harttak veel zijtakken en heeft ook een boomvormer de neiging om meer struikvormig te groeien.

Snoeien

In ons land wordt Parrotia zelden een boom op stam. Daarom is het beter om Parrotia maar zijn gang te laten gaan. Ga niet proberen van een struikvorm een boom te maken. Snoeien aan de struik komt er meestal op neer dat de kroon heel dicht wordt. Bovendien gaat het karakter verloren. De struik wordt meer breed dan hoog. Inkorten van de loten is nadelig voor de groei. Beter is het om een in de weg zittende zijtak in z’n geheel weg te nemen. Snoei Parrotia zo min mogelijk.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here